Gemeenteraad 26 februari 2018

Stookplaatsrenovatie De Wijsneus

Onze fractie vraagt zich in dit dossier af of de gebouwen van De Wijsneus, waarin de te renoveren stookplaats zich bevindt, zelf geïsoleerd is. Het heeft volgens ons niet veel zin om een nieuwe stookplaats en branders te plaatsen en aanverwanten te vernieuwen als het gebouw onvoldoende geïsoleerd is.

Bij deze vragen we ons ook af of alle stadsgebouwen al onderwerp zijn geweest van een energiescan?

Gunning PPS Meerle ons dorp.

De voorzitter van de Meerlese dorpsraad noemde het tijdens zijn verwelkoming op de openbare vergadering van de dorpsraad in Meerle ‘De goed nieuwsshow van een week geleden’ voor meer dan 200 Meerlenaars in de kerk. En het moet gezegd, het was een mooie show, goed gepresenteerd en mooi geïllustreerd. We horen ook positieve reacties uit Meerle, vooral omdat er eindelijk daadwerkelijk gaat gebouwd worden en een aantal prangende problemen een oplossing krijgen. Vandaag de eerstvolgende stap daartoe.

Het mag ons echter niet weerhouden wat hier voorligt met een kritische blik te bekijken.

Zoals eerder gezegd bij de goedkeuring van de leidraad voor deze gunning, zijn wij koele minnaars van PPS voor de realisatie van gemeenschapsvoorzieningen.

Antwoord van de burgemeester: Wat geven we uit handen met een PPS? Als de gemeente die gemeenschapsvoozieningen – het publiek deel – in eigen regie zou doen, moet er ook een ontwerper, een architect, aannemers worden aangesteld. De privaat partner is in deze meer beslagen om daarvoor de regie te voeren dan de gemeente: het is zijn kernbedrijvigheid.

De privaatpartner zal de publieke zaak dus altijd bekijken in de relatie met het private gedeelte en met de beoogde opbrengst daarvan. Onze collega’s van Hoogstraten Leeft merkten bovendien op dat de meetstaten, beschrijving van werken en materialen, eerder summier zijn en ruimte laten voor differentiatie.

Wij hebben enkele vragen bij de gunning:

  1. Er is slechts één geldige bieder: door een procedurefout is de andere bieder uitgesloten. We moeten toegeven dat die onzorgvuldig geweest is. Dat vinden wij merkwaardig gezien deze bieder een heel groot deel van zijn omzet moet halen uit openbare aanbestedingen. Is het dan de eerste maal dat de onderneming hiermee geconfronteerd is? Of wordt het soms niet zo hard gespeeld als hier? We vinden het spijtig omdat enige concurrentie gezond is in dergelijke projecten en dat de aanbesteder er nuttige zaken in had kunnen terugvinden. We hadden graag een en ander willen vergelijken.

    Antwoord van de burgemeester: niet onze verantwoordelijkheid, de bieder had hier voorzichtiger moeten zijn. En het is niet omdat de bieding niet ter vergelijking is opgenomen in het ‘beoordelingsverslag’, dat we er geen kennis van hebben kunnen nemen.

  2. Financieel aspect (gunningscriterium 1):
    De visie in de leidraad was ‘budgetneutraal voor de aanbesteder’, de gemeente dus. Tijdens een van de infomomenten werd ook door de burgemeester gesteld dat ook de door het stadsbestuur te dragen kosten voor de restauratie en verbouwing van het Raadhuis uit de opbrengsten moesten komen.
    Nochtans hebben we getracht de financiële cijfers in de verschillende dossierstukken te vergelijken en dan wordt het wel erg moeilijk om de juiste bedragen te kennen. In de persnota staat letterlijk dat de opbrengst van de verkoop van gronden en de realisatie van de erfpacht ongeveer 1 miljoen euro zal bedragen, terwijl dat in het BAFO reeds € 1.349.313 is geworden. In het eerste geval is de tussenkomst van de gemeente om en bij het half miljoen, in de tweede versie is er zelfs een overschot. Wat is nu juist?
    We vinden het jammer dat het financieel aspect niet duidelijker uit de verf is gekomen, of beter: welke zijn de juiste cijfers?
    Uiteraard vinden wij het niet erg dat de gemeente investeert in Meerle, maar we kennen dan wel graag vooraf de juiste cijfers.

    Antwoord van de burgemeester: Budgetneutraliteit was de visie 4 jaar terug, na de haalbaarheidsstudie. De constellatie is ondertussen gewijzigd, daar er geen privaat partner is gevonden voor her Raadhuis. Dat is dus volledig uit het budget gelegd, het gemeentebestuur heeft daar zelf de regie in handen genomen.
    De cijfers die op de presentatie genoemd werden zijn grootte-orde voor de thans genoemde projecten, voor de twee gebouwen naast het raadhuis is er in het BAFO nog een erfpachtvergoeding begroot.

  3. Architecturale kwaliteit (gunningscriterium 2):
    De scope in de onderhandeling ‘Architecturaal en Wonen’ spreekt van ‘woningdifferentiatie en samenhangende architectuur’.
    Ook in de presentatie van het project en in de persnota wordt hieraan aandacht gegeven. Over de woonblokken op de site Weeshuis: ‘Passend in Meerle én gebaseerd op de huidige architectuurtaal van de school en het weeshuis’. De woningen op de site Pastorie: ‘Passend in de historische context en het beschermd dorpsgezicht van Meerle’. Buiten het profiel van het woonvolume met zadeldak, dat moet herinneren aan de vroegere woning Dr. Gommers, vinden wij weinig argumenten om te oordelen over ‘passend in de historische context en bescherm dorpsgezicht’.
    Maar wij zijn geen architecten.
    Wat we wel gedaan hebben is even de projecten van Van Roey Vastgoed gegoogeld. Wat ons dan opvalt is dat wat in Meerle voorgesteld wordt verdacht veel lijkt op alle andere projecten. Er zijn verschillen in gevelbekleding, oriëntatie en bouwhoogte, die zijn locatie-afhankelijk. Maar het trekt toch allemaal heel hard op mekaar. Eenheidsarchitectuur die eenzelfde basis heeft. Als pasta, maar telkens met een ander sausje.
    Of dat voldoende is om aan de criteria ‘passend in Meerlese context’ te beantwoorden, daar zijn wij niet van overtuigd. Er zijn in het gunningsverslag geen verdere beoordelingen terug te vinden. Is hierover advies ingewonnen bij externen? Erfgoedcel of de diensten van de Vlaamse bouwmeester? Bij de samenstelling van de beoordelingscommissie (CBS 5/12/2016) werden 4 mogelijke externe adviseurs genoemd, waaronder deze twee. Zijn er eigenlijk externe adviseurs geconsulteerd bij de beoordeling?

    Antwoord van de burgemeester: Deze zienswijze verbaast de burgmeester, want zover zij weet is het voor de architecten die de gebouwen van dit project ontwerpen, de eerste keer dat zij dit doen voor Van Roey Vastgoed. Zij hebben dus niets te maken met die andere projecten op de site van Van Roey. Zij hebben bovendien wel degelijk rekening gehouden met de Meerlese én historische context, zowel naar vormtaal als materiaalkeuze. Wat tot hiertoe getoond is, zijn impressies, geen exacte bouwplannen. En zowel de erfgoedcel als de diensten van de bouwmeester zijn wel degelijk geconsulteerd.

    Helaas is hier niets van terug te vinden in de verslagen
    We hebben ook bedenkingen over de bouwvolumes: op de weeshuissite en school 1-2-3 lijken deze toch redelijk imposant én o.i. te nadrukkelijk wegend op het uitzicht van het centrum. De ‘bewaarde muur van de speelplaats van de school’ is in concreto eerder de illusie van de muur. We vinden het ondanks alles spijtig dat de laatste zichtbare relicten van het ‘weezenhuis’ en ‘school en klooster’ van de Ursulinen in Meerle voor altijd verdwijnen. Net zoals we op de presentatie in Meerle van inwoners spijt hoorden dat de voormalige woning van Dr. Gommers ooit werd afgebroken. Ons verleden moet plaats maken voor de toekomst zeker.

    Antwoord van de burgemeester: Net als tijdens mijn inleiding op de presentatie in Meerle, verwijs ik naar het lied ‘Ons dorp’ van Wim Sonneveld ‘ik weet nog hoe het was….’. Maar we zijn niet gebaat bij nostalgie, we moeten kijken naar de toekomst. Het oude weeshuis is in het openbaar zicht een blinde muur. Die gebouwen zijn moeilijk te verzoenen met de woonfunctie die hier gepland is.

    In het eindrapport van het participatietraject (pag. 34) werden door ‘plusofficearchitects’ (die het traject begeleid hebben) nochtans een aantal ideeën en aanbevelingen opgenomen die wel belangrijke delen van de historische gebouwen zouden behouden en incorporeren in het nieuwbouwproject. Uit respect voor het verleden, niet uit pure nostalgie.
    De gestapelde woningen op de pastorijsite (10 woningen) met een collectieve tuin: er staan nergens afmetingen op de afbeeldingen, maar vergeleken met de getekende bouwvolumes, lijkt ons die tuin toch heel klein voor alle bewoners van 10 woningen. Hoeveel tijd van de dag is er rechtsreeks zonlicht in deze tuin? De lagere bouwvolumes (autobergingen) staan weliswaar aan de zuidzijde, maar hoelang verzekert dit zon in de tuin? Buiten een aantal uren op de middag, ligt de tuin o.i. in de schaduw van de woningen.

    Antwoord van de burgemeester: Laat ons kijken naar de bouwtekeningen, die bij de bouwaanvraag zullen gevoegd worden. Dan eerst ken je de exacte afmetingen van zowel gebouwen als tuin. De bouwaanvraag maakt trouwens het voorwerp uit van een openbaar onderzoek.

    Onze conclusie: we kunnen een heel eind meegaan in wat hier voorligt. Vooral omdat men in Meerle zit te wachten op oplossingen voor een aantal dringende vragen naar gemeenschapsvoorzieningen. De hoogste tijd om aan de uitvoering te beginnen. Maar we zouden het wel op prijs stellen dat naar onze opmerkingen wordt gekeken. Voor financiële bijsturingen is het wellicht in het kader van deze overeenkomst niet meer mogelijk. Voor architecturale en vormelijke aanpassingen is het nog niet te laat. Misschien toch eens samenzitten met enkele experten zoals Erfgoedcel en diensten van de Bouwmeester (wat trouwens ooit door de burgemeester beloofd werd).
    Verder hopen wij dat de gestelde timing kan aangehouden worden. Het is allemaal heel strikt en dat durft bij projecten van dergelijke omvang nogal eens tegen te vallen.
    We hopen dat ook de restauratie en ombouw van het Raadhuis zijn beslag kan krijgen zoals voorgesteld in de timing op de presentatie. Gelet op de afhankelijkheid van de erfgoedpremie vinden wij die timing heel optimistisch. We hopen dat het meer is dan ‘wishfull thinking’ en dat het bestuur elementen heeft die de timing rechtvaardigen.

    Antwoord van de burgemeester: De burgemeester wenst er de aandacht op te vestigen dat de timing voor het Raadhuis onder voorbehoud is, ze is enkel indicatief. Het bestuur kan en wil daar momenteel geen concrete uitspraken over doen. Het is inderdaad afhankelijk van de erfgoedpremie. Maar men zal er alles aan doen om dat positief te beïnvloeden.

    Ook hopen we dat het stadsbestuur en privaat partner nauw contact blijven houden met de Meerlenaars bij de uitvoering van de omvangrijke werken, die zeker niet zonder hinder zullen verlopen.
    Tenslotte hopen we dat het stadsbestuur ook naarstig verder werkt aan de andere zaken die uit het participatieproject zijn gekomen: Kerkstraat, Chaamseweg, Ulicotenseweg, Melkerijsite, Trage wegen, …..

    Antwoord van de burgemeester: Die projecten worden niet uit het oog verloren, zoals ook op de algemene vergadering van de dorpsraad duidelijk gemaakt door het bestuur.

Onze fractie wenst dit project zeker niet af te keuren, maar rekening houdende met de verschillende opmerkingen (financiële onduidelijkheid, architecturale beperktheden, gebrek aan respect voor erfgoed, …) gaan wij ons onthouden; juist omdat er volgens ons nog heel wat verbeteringen mogelijk zijn.

Voorlopige vaststelling van het ontwerp RUP Gemeenteplein Meerle.

Wij zijn een beetje verrast door wat hier ter goedkeuring voorligt. Dat wijkt immers af van het ‘Voorontwerp’ dat aan de Gecoro werd voorgelegd en toegelicht op de vergadering van van 5/12/2017.

In die nota lezen we op pag 10 (2.4 – Afbakening van het plangebied):

Om tot een logische afbakening van het plangebied voor het RUP “Site Raadhuis Meerle” te komen, wordt de integrale bestemmingszone ‘zone voor openbaar nut en recreatie’ (art. 1.01) met overlay ‘gebied met culturele, historische of esthetische waarde’ (art. 4) mee in herziening genomen. Dit betekent dat ook de geschakelde gebouwenrij met parochiecentrum, brandweerkazerne en jeugdlokaal mee binnen de plangrens valt, hoewel het juridische kader voor deze bouwdelen ongewijzigd zal blijven.

In Hoofdstuk 6 – par. 6.2.2 – Parochiecentrum, Brandweer, Jeugdlokaal KLJ lezen we:

Binnen de gedeeltelijke herziening RUP “Gemeenteplein Meerle” worden instandhoudings- en verbouwingswerken mogelijk gemaakt voor het parochiecentrum, de KLJ en de brandweerkazerne. Eventuele uitbreidingen van de volumes moeten beperkt zijn in omvang en zijn gericht op het meer optimaal functioneren van de gebouwen en het duurzaam voortbestaan van hun activiteiten.

Van een bestemmingswijziging van de percelen waarop deze lokalen gevestigd zijn is geen sprake.

We merken nu in het voorliggende ontwerp dat deze percelen zijn opgenomen in het deel voor herziening, van zone voor openbaar nut naar bouwzone!

In de Toelichting – Visievorming 6.2.2 – Parochiecentrum, Brandweer, Jeugdlokaal KLJ lezen we nu:

Om een duurzaam voortbestaan en flexibele invulling van het parochiecentrum – een waardevol gebouw opgenomen in de inventaris van bouwkundig erfgoed – in de toekomst te garanderen, wordt in de stedenbouwkundige voorschriften ook een invulling met woonfunctie als optie behouden. Er zijn vandaag echter geen plannen om een dergelijke functiewijziging door te voeren aan het parochiecentrum.

In het verordenend grafisch plan (pag. 83) zien we dan ook dat het perceel van de parochiezaal door deze herziening van het RUP als bouwzone worden ingekleurd.

Hiermee kunnen wij niet instemmen. We zouden dat nog wel kunnen mocht dat perceel eigendom zijn van de stad, dan moeten immers alle beslissingen langs ons bestuur passeren. Maar het perceel van de parochiezaal staat is geen eigendom van de stad en dus verkrijgt de eigenaar door deze herziening het recht hier een andere invulling aan te geven.

We zouden het zeer onrechtvaardig vinden mocht dit gebeuren. Het comité van de zaal heeft veel geïnvesteerd in deze zaal en ook de gemeente stopt al enkele jaren 5.000 euro per jaar toe voor de noodzakelijk onderhoud en instandhouding. De eigenaars dragen 0 euro bij, wegens financieel armlastig. Waarvoor begrip.

We wensen echter niet dat ze door deze bestemmingswijziging nu de mogelijkheid zouden krijgen dit perceel te vermarkten. We zeggen niet dat ze dit van plan zijn, maar we moeten hen ook niet op ideeën brengen. Misschien zijn ze wel door mogelijke projectontwikkelaars en investeerders te overtuigen. Denk bvb. aan private serviceflats!

Allemaal goed mogelijk in de toekomst, maar alleen als het beschikkingsrecht daarvoor bij de stad zou liggen. Deze plek hoort aan de lokale gemeenschap!

Wij kunnen deze voorlopige vaststelling derhalve niet goedkeuren.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *